Episode Transcript
[00:00:01] Speaker A: Welkom bij Sam en de Woord, jouw wekelijkse reis door de Bijbel.
Sam gezels ons over de lesstidie, ontdek nieuwe inzichten en groei in ons geloof.
Blij en geskakel, de Woord wacht voor jou.
Goeiedag luisteraars en hartelijk welkom bij Sam en de Woord, de loopadventiste wereldradio Afrikaans.
Het is heerlijk om weer samen met jou door de Sabba School les te werken en dieper in God zijn Woord te delven.
Vandaag focussen we ons op les nummer 9, getiteld Zonde, de evangelie en de wet.
Een onderwerp dat elke mens raakt, want het wijst voor ons niet net ons behoefte aan genade niet, maar ook hoe wonderlijk God zijn liefde en redingsplan werkelijk is.
Ik ben niet alleen hier in de atelier. Vandaag heb ik weer drie speciale mede-aanbieders. Konies.
[00:00:55] Speaker B: Hallo.
[00:00:56] Speaker A: En ik heb John.
[00:00:58] Speaker C: Hallo daar.
[00:00:59] Speaker A: En voor Lydia.
[00:01:00] Speaker D: Hallo, hallo.
[00:01:01] Speaker A: Nou, heel erg bedankt dat je hier bent. Ik zie dat je je inzicht hebt.
En bedankt voor de bijdrage die je zal leveren.
Voordat we in het lesgedeelte springen, wil ik eerst beginnen met de uitsprekervraag. En luisteraars, denk een beetje hierover, terwijl we deze vraag beantwoorden.
Wat een verkeerd serieel. Als er één is, wat je voor een dag kon verwijderen zonder dat er enige gevolgen kunnen zijn.
Wat een serieel zou het zijn.
Net één.
[00:01:39] Speaker B: Wel, ik ben zeker van die mensen die een paar zware voeten hebben op de petrol.
Zou dat een goede serieel zijn om te breken.
[00:01:51] Speaker A: Als je hem net kan wegvat, net verëndert, zal dat de één ding zijn.
Oké?
[00:01:59] Speaker D: Ik zou zeggen dat een robot zijn stopstraat aan het herkennen wordt.
Want het kan prachtig frustrerend worden wanneer je bij een robot wacht, en wacht, en wacht, en niemand komt.
[00:02:15] Speaker A: Nee.
[00:02:16] Speaker D: Dus ja, ik zou zeggen, ik zal dood in een wolfhanger.
[00:02:22] Speaker C: Voor mij persoonlijk zal het in die lijn zijn dat ik enige plek kan parkeren waar ik wil.
[00:02:29] Speaker A: Voor mij zal het zijn om niet die licenties weg te vatten.
[00:02:33] Speaker C: Maar dat is niet voor één dag.
[00:02:35] Speaker A: Dat is niet voor één dag, dan kan ik rijden zonder om te waren voor enige speedcoach die zo afraakt. Af te raken vooral. Licence, please.
Maar ja, het is interessant om te zien hoe mensen over reëls denken. Partijen zien wetten als beperkend.
Anderen zien het als beschermend.
En dat is precies waar we deze wekens les over gaan doen.
Wat is het doel van Godse wet?
Red de wet ons?
Wel, Paulus maakt een paar uitstellingen om duidelijk te maken dat de wet niet reddende acties heeft.
Maar, als we een beetje verder daarnaar later kijken.
Of wijst de wet eder voor ons de behoefte aan Jezus en de evangelie? En dat is waar we ons dan deze week gaan gezeld. Kom eens kijken naar ons geheer tekst. Het is best wel een maandag in 1940, 93 en 94.
Ik zal je bevelen tot een eeuwigheid niet vergeten, want door jullie heb je mij levend gemaakt.
Aan ie behoort ik. Verlos mij, want ik zoek ie bevelen." Zo David herinnert ons wat de doel is van de wet.
En interessant dat hij twee dingen in die gedachte noemt. De eerste één is dat hij zegt, ik wil ie bevelen, niet, vergeet niet.
Maar dan zei ook, hij beseft ook, zijn verlosing komt niet uit de bevelen niet, want hij vraagt dan Aan je behoort ik, verlos mij, terwijl ik je bevelen ook nakom.
Het is interessant dat David niet God zijn wet ziet als iets wat leven wegneemt, maar eerder als iets wat leven beschermt.
De wet is niet daar om ons te vernietigen. Het wijst ons eerder waar ons van God af wegbeweegt. Het is als een spiel.
Als je in het spiel kijkt, dan kan je zien dat er iets is wat verkeerd is.
Net om in het speel te kijken, ga niet het probleem veranderen. Je hebt iets nodig om het probleem uit te sorteren. Het kan zijn dat je haar niet mooi gekomen is. Dan heb je de borstel nodig. Het kan zijn dat je een velkool op je gezicht hebt. Dan heb je wasslaap nodig.
Het is hetzelfde als de evangelie. We kunnen kijken naar de wet, maar we hebben iets nodig om ons te helpen om dat te verstaan.
En zonde heeft een manier om ons dadig, maar zeker van God af weg te nemen.
En ongelukkig weten we, tot het begin bij kleindenkies, wat makkelijk is om te zeggen, ach, weet je wat, het is niet zo erg niet, dingen zouden beter gaan, God verstaan.
Maar als je niet aandacht houdt en je schenken toelaat, dat God verandert en je dan raakt het groei dingen, wat je later aan zo gewend is aan, dat het deel geworden is van jou. En de gevaar is, dat mensen later dan ophouden om zonden ernstig op te nemen om de wereld tot normaal te beginnen maken.
Dus dat brengt mij dan naar een belangrijke vraag voor ons bespreken.
Als God reeds weet dat ons gaan strijkelen en zonden, hoe komt hij dan voor ons zijn wet in de eerste plek gegeven?
[00:05:53] Speaker D: Als ouder
[00:05:57] Speaker B: Mijn kinderen zullen niet weten dat ze iets verkeerds doen, dat is niet voor hen.
Als ik niet voor hen zeg, dat wat jij nu doet, is verkeerd, dan gaan ze dat niet weten.
Hetzelfde gaat met de wet.
Als we niet een wet hebben waarin we zeggen, jij bent nu bezig om je pad bijster te raken, dan gaan ze niet weten dat we bezig zijn om een fout te beginnen.
We gaan iets verkeerds doen.
[00:06:25] Speaker D: De antwoord is eigenlijk eenvoudig, want ten spijte daarvan het ons nog steeds richtlijnen nodig.
Als jij de mens stomloos zonder enige richtlijnen, gaan ze doen net wat ze willen.
En het gaat zoveel erger zijn dan waar het nu is.
[00:06:49] Speaker C: Dat is nog een zorg. Maar ik wil ook even bijlazen, we moeten niet vergeten dat de wet Godse karakter is. De wet wijst ons terug naar het beeld dat in ons geschapen is.
En ja, veel van ons sukkeln met een redelijke gedeelte om de wet te onderhouden.
Of het nou in ons hart is, of het nou in onze acties is.
Voor een mens is het moeilijk.
Maar Christus is het juist gekomen voor ons de Vader weer opnieuw te wijzen.
[00:07:24] Speaker A: En ja, ik weet dat we dan net zo'n beetje gaan raken aan wat Jezus kon wijzen, omdat het belangrijk is om dat te verstaan.
Maar we bewegen naar het zondagse gedeelte. We praten over afleidings en verzoekings.
Dus de les zegt van ons dat we moeten gaan kijken naar de verhaal van Simpson, dat opgetekend is in Richterhoofdstuk 14.
En als je Richterhoofdstuk 14 leest, dan weet je dat het gaat over Simpson, die een vrouw uit de Philistijnen nam om zijn vrouw te zijn.
En al die dingen die hij daar plaatsgevonden heeft. En dan ging het ook over naar hoofdstuk 16 toe, en daar was het dan gezegd, lees vers 1, vers 4 en vers 16. Dus kom schrikken vind ik wat zei dat raaknedelgedeelte in vers 1 zei dat. En Simpson heeft naar Gaza gegaan en daar een woel gezien en bij haar ingegaan, vers 4.
Daarna heeft hij een vrouw in de dag zo rekelijk verkrijgd wie zijn naam Delilah was. en dan vert 16.
En omdat zij al met haar woorden al dagen pers en boom aangedrongen heeft, heeft hij zo ongeduldig geworden dat hij kon sterven.
Nou, Simpson heeft een bepaalde Godgegeven roeping gehad.
En hij heeft in een mate dat uitgeleefd, maar dan krijgen we dat wat hier gebeurde. En dan komt de vraag.
Wat leerde het voor ons rakende verzoekens en afleidings?
[00:09:01] Speaker B: Dit kan met enig iemand gebeuren.
[00:09:04] Speaker A: Dat is waar.
[00:09:06] Speaker D: Als we naar Simpsons leven kijken... Hij was beide impulsief.
Hij had de impulscontrole van een gouden retriever.
Dat is niks.
Ten spijte daarvan, heeft God nog steeds gezegd, ik wil jou gebruiken.
En ik denk, tot een zekere mate wijst het ons dat, al lijkt ons leven hoe slecht, al is ons hoofd vastgevangen in zonde, God wil ons nog steeds redden.
Hij wil ons nog steeds gebruiken. Hij kan enig iemand gebruiken.
[00:09:55] Speaker C: Voor mijn perspectief af, weet je wat ik zie?
Ik zie dat de verzoekings, door de eeuwen, dezelfde blijven.
Het is dezelfde verleidings.
Het is dezelfde dingetjes die onze aandacht aftrekken.
Hij lijkt net een beetje anders.
Dat verandert niet de potentie, van daar die verzoekingsnijden.
[00:10:28] Speaker A: Kijk, één ding wat ons moet verstaan, is verzoekingszal daar altijd wees.
De ding is, hoe ging echt die verzoeking tegemoet?
Want als je kijkt naar wat er met Simpson gebeurde, hij had afleidingsschade. Dat is dingen wat hem weggeleide. En dan was die verzoeking erger gewees.
Maar we weten ook, in de Woord van God wordt daar van ons gezegd dat geen verzoeking die ons niet kan overkomen, zal op ons pad komen. Ik parafiseer daar net zo'n beetje op. Terwijl we eens gaan bekijken waar de tekst is, want het is belangrijk om daar de tekst te weten.
ook belangrijk om te verstaan. Dat is makkelijk om te zeggen, ja maar, die heren gaan geen verzoeking over mijn pad brengen, wat ik niet kan overkomen. Dan kan ik maar rondgaan en ik hoef niet bekommerd te zijn over de verzoekings, want hij kan het overkomen.
[00:11:30] Speaker C: Net zo. Dat is 1 Corinthia is 10-13.
[00:11:33] Speaker A: 10-13, was iets met de 13 te doen.
[00:11:35] Speaker B: Ik had nu net een vraag. Jullie zeggen die heren brengen de verzoekings. Is het niet de heer die laat toe dat de verzoekings komen? Want de heer zal ons nu niet gaan staan en verzoeken. Hij gaat niet mijn kind gaan staan en verzoeken om een sweetie te stelen.
[00:11:51] Speaker A: Het is waar.
Met dit in context.
De verzoekings gaan er zijn.
Als ik afleidbaar ben, is de verzoekings makkelijker om in te geven.
Hoekom zeg ik dat? 1 Petrus 5 vers 8 zegt voor ons, die duivel loopt bij ons, hoe zeg je dat? Brandeleeuw.
Nou, als jij deel is van een trop, hoe zeg je dat? Willenbeesten.
Wie beschermt die kleintjes?
Ik weet niet of je al gaat kijken hoe dat werkt. Maar dat was voor mij een hele mooie uitbeelding van het geweest.
Want er is altijd geweest dat de kleintjes in het midden van de trap zijn om ze te beschermen tegen de gevaar die buiten is.
En één kleintje dat wel uitkomt, is de een die altijd in gevaar is.
Want dat is waarvoor die lieve wacht.
Verzoekings is daar.
Wat leidt mij af?
Wat is daar wat mij uit die veilige plek uitbrengt, wat mij in de plek blaast, waar het makkelijker is om toe te geven aan de verzoekings? En dat is wat de vraag is, wat gevraagd wordt. Wat is de grootste afleiding?
of het zoeken wat mensen vandaag van God af wegtrekken.
[00:13:20] Speaker D: Weet je, de duivel is bij ons langs.
Hij weet waar onze zwakpunten liggen en dat is waarmee hij jou zal verzoeken.
Hij bestudeert ons al ons hele levenslang en die mensdom al voor zolang ze zwaar bestaan.
So, he's got a book of tricks.
En ja, ik zal de eerste een zijn om te zeggen, we moeten niet alle blam op de duivel blazen.
Maar basis, ons heeft een society geschreven waar alles een afleiding is.
Media is heel makkelijk om te consumeren en vrij bekombaar.
Dan is dat goed.
drank en dwelms en goeders wat verslavend is, wat weer een ander probleem veroorzaakt.
Maar wat ook al jouw zwakpunten leidt, dat is waar je aandacht afgetrekt zal worden.
[00:14:25] Speaker A: Wat kan ons praktisch doen om ons te helpen dat we ons niet toegeven aan die afleidingsnieuws?
[00:14:34] Speaker C: Jezus heeft de antwoord gegeven.
Plak uit je oog. Snij je hand af.
[00:14:40] Speaker A: Eish.
Dat is haar hand geëerd.
[00:14:43] Speaker C: Het is nog niet een letterlijke verzoek daarin, of bevel. Het gaat daarover dat jij zo ver als mogelijk jezelf verwijdert van daar die verzoekings.
Dat je niet in een plek is waar jij tempteer kan worden, wil ik zo zeggen, waar je ingene.
Zo ver bij degenen van vandaag, die zitten met internetverslaving en die stoute dingen op je internet, zit via parental blocks op.
Sluit jezelf uit van die gedeeltes van je internet.
[00:15:22] Speaker A: En vergeet die passwords.
[00:15:23] Speaker C: Nee, jij maakt hem zo een 40-lang karakter, paswoord, met allerhande hashtags en symbols en wat dan.
[00:15:32] Speaker D: Jij laat die kaartboel over de keyboard lopen.
[00:15:34] Speaker C: Ja, dat zei hij. En dan schrijf je dat 19 jaar.
[00:15:37] Speaker A: Maar dat is een goeie ding, dat is één ding. De andere ding is, als ik terug kan gaan naar dat wat David geschreven heeft, in persoonlijke manier, 19, is dat hij is bijna...
Buit diep met die gedachten, zoals bij Salamone van 1959 tot 1911, waarmee ze de jongen langs zijn pad zijn wou houden. Die hadden te houden volgens die woord. Ik had die woord in mijn hart gebouwd, dat ik niet zou zondigen tegen hen.
We hebben nodig om terug te gaan naar de ene waarin ik geloof dat we verslaafd moesten zijn. Als er een ding is waarin je verslaafd moest zijn, dan was het om God zijn woorden te vatten, en het te lezen, en het te studeren, en meer te weten raken om.
[00:16:19] Speaker B: Kan ik het ook net meer eenvoudiger maken?
Wat is jouw prioriteit?
Want verslaving wordt een prioriteit.
Als jouw prioriteit is om elke dag zoveel tijd op een foon te spenderen, gaat dat gebeuren. Maar als je zegt, maar ik heb de prioriteit om zoveel tijd te spenderen aan mijn werk, ik heb de prioriteit om zoveel tijd te spenderen om mijn huis aan de kant te houden, en ik moet zoveel tijd spenderen met de kinderen of met familie, wordt de tijd wat jij zegt is de prioriteit op de verslaving, eigenlijk uitgewisst.
Want het is ander goed wat dat invalt.
[00:17:09] Speaker D: Wel, op dat punt, één van de dingen wat de slimme mensen doen met verslaafd is, is, jij vervangt jouw gewoontes met positives.
Zo, als ons praat over, zoals bijvoorbeeld sociale media, van die tijd dat je soda aanspandeerd hebt, en maak iedere bible-app op, Je weet, dus in het begin gaat het behoorlijk boring zijn, want je bent gewend aan die stimulatie.
Maar dan pas je stelt de prioriteit en je zegt wel, ik mag naar de telefoon optellen als ik dat eerst ga doen.
En later aan zal het worden dat dit voor jou verslavend wordt zoals waar de andere ding verslavend was.
God wil hee, ons moet die diepe verhouding met hem hee.
En dat kan niet gebeuren met tijd.
[00:18:19] Speaker C: En hier is hij, koop die tijd uit.
[00:18:21] Speaker A: Want die dag is boos.
Zo komen we eens op weg naar het maandagse gedeelte toe. En het maandagse gedeelte praat dan over... ...skijtsmielen in mijn verhouding met God. En de eerste tekst die bij mij opgekomen is, waarin het praat over skijtsmielen, is in het boek van Jesaja.
En daar is in hoofdstuk 59 een baar diepgedachte geschrijf over skijtsmielen.
Kijk, de hand van de heer is niet te kort om te helpen en zijn oor is niet te zwaar om te horen. Maar de hele ongerechtigheid is een scheidsmeel geworden tussen jullie en jullie God, en jullie zonde zet zijn aangezicht voor jullie voorbij, zodat hij niet hoort." Het is nogals erg als je dit leest, want aan de ene kant zeg je dat God zal helpen, maar op de andere kant Jij hebt jezelf in de positie geplaatst en ik kan je niet helpen totdat je daar uitkomt. En we gaan later in de les zien, daar is manieren om daar uit te komen. Maar wat belangrijk is, is dat we moeten verstaan waarover dit alles gaat.
Dat is moeilijk om keihard toe te gaan. Je bijbel te lezen.
Buiten de uitreiking van mensen wijst dat jij daar is om hen te helpen en je kan nog steeds een scheids mee reden. Er kan nog steeds iets zijn wat tussen jou en God staat.
En daarom is het belangrijk dat we moeten beseffen dat 1 Corinthians 10 vers 12 zegt voor ons, daarom wie meent dat hij staat, moet oppassen dat hij niet valt. En dat is precies wat met Simpson gebeurd is.
Hij begint te denken dat hij sterk genoeg is om op zijn eigen te staan.
En, een paar keer moet ik herkennen, dat was tijden waarop ik mezelf gevonden heb, ik sta ook zo.
Van, ik weet eigenlijk dat er een beter ding is om te doen, maar mijn kop zegt voor mij hiernaartoe en ik luister eerder dan naar die fijne stem die voor mij zegt, pas op, wees voorzichtig.
Het is makkelijker om te zeggen, ik kan het hanteren. En, ach, weet je wat?
Ja, ik weet, daar is een piekje paar dingen op, op daar die reeks, wat niet heel te malkoos is. Maar, ik denk, ik is veilig genoeg. Dit gaat mij niet beïnvloeden.
[00:20:47] Speaker B: Dit kan niet kennis beïnvloeden, wat achter je zit en kijkt.
[00:20:51] Speaker A: Maar dat is het ding, je beseft het niet altijd over je. Of, jij gaat in bij plekken waar je weet dat het je niet gaat beïnvloeden.
Dus dat is dan ook veilig.
[00:21:05] Speaker C: Excuse, ik wil niet dat je hier zo aankomt. Ons kan wel denken dat het ons niet affecteert, want je weet, ik ben een groot mens, ik kan onderscheiding treffen, maar ik heb al in mijn verleden in mezelf achtergekomen.
De aard van de rekenaarsspelen die ik gespeeld heb, heeft een aanzienlijke invloed gehad op mijn gemoed.
Hoe meer gewelddadig die spelletjes waren die ik gespeeld heb, hoe meer agressief was ik tegenover mensen.
Ja, ik mag ook een groot mens zijn.
Ik mag ook weten dat ik bezig ben met iets wat niet werkelijk is.
Maar die inpak is nog zoveel meer erger voor die kleintjes.
[00:21:50] Speaker A: Ons moet beseffen, zonde werkstadig. Het is niet iets wat overnacht netschielig gebeurde. Het is iets wat ongelukkig toegelaten was met tijd om vorm te nemen.
Matthijs 5 en 7 maken Jezus het nog een beetje meer praktischer. Zoals bijvoorbeeld, hij zegt, wel is het begin niet bij de daden.
Dat begint met de kijk.
Moord begint niet met geweld, dat begint met bitterheid en woede.
Hoogmoed begint niet wanneer ik erkenning zoek voor mijn daden, nee, hoogmoed begint wanneer ik erkenning zoek voor mijn daden. En veroordeling begint wanneer ik mezelf beter als anderen acht.
En dat is juist hier waar het persoonlijk moet raken.
Maar niet allemaal van ons wordt zo met dezelfde dingen. Elke van ons heeft verschillende dingen waarmee ons wordt zo. Dat is die wat ook wordt zo met woede, anderen wat met trots zit, anderen met een geheime zonde, jaloesie, verslaving, bitterheid. Zelfs onvergevensgezondheid.
En de gevaar is dat ons deze dingen beginnen rechtvaardig. Ach, het is maar net hoe het is.
Daar heb ik dus een verdiende.
Dat hebben ze daarvoor gezocht.
Of, ik doe daar maar niet wat andere mensen doen.
Maar kijk ik rechtig waar wat binnen in mijn hart aan gaat.
Laat ik toe dat de heden beginnen werken zoals het nodig is om te werken.
Gepraat van de media die ons aandacht aflokken.
Als je je voordelen wegtrekt van God, dan is dat een teken dat je daarmee een plan moet maken.
Zet het dan weg. Verander je gewoontes daarmee.
Als de inhoud die je gedacht hebt is vergiftigd, zoals je zei John, sta je af.
Moet niet toelaten dat het daar blij is, en je laat toe dat het de afleiding wordt.
Als woede en bitte laat je vrede stil, dan is het ook tijd dat je op je knie gaat en begint te bidden en vraagt dat het goed moet veranderen. Maar de goeie niets van dat alles is, een paar keer kijk je naar die dingen en je beseft niet, Onmiddellijk wat je doet niet, en dan schrikkelijk komen die gedachten bij je op. Ik moet veranderen.
En dat is wanneer we dan die gedachten krijgen dat God is nog steeds daar.
Hij is bereid om naar ons te luisteren. Net omdat ik een fout gemaakt heb in mijn leven, betekent dat niet dat hij me daar binnen de boende stoot en zegt, dat lukt niet.
Hij woont nog steeds binnen in mijn hartwerk. De belangrijkste vraag vanavond is niet wat het zonde is, verkeerd niet.
De vraag is eerder, wat in mijn leven trekt mijn hart weg van God af?
En is ik bereid om het ernstig genoeg op te nemen om iets daaraan te doen?
Met die gedachten komen we eens kijken naar dinsdag zijn gedeelte wat handelt over de wet.
[00:25:07] Speaker C: Zo luisteraars, hier zo bij vandaag, dinsdag, dat is nu de gedeelte over de wet.
Daar is een belangrijke disclaimer, wat ons net gegeven is om het aan te spreken, voordat we verder gaan.
Romeine 3 vers 20 zegt, aangezien uit de werken van de wet geen vlees voor hom gerechtvaardigd zal worden, want door de wet is de kennis van zonde.
Wanneer we de wet onderhouden zoals de Heer graag wil hebben, dat is niet zo dat ik gered kan zijn.
Verlossing komt door geloof alleen.
In Johannes 3 vers 4 zegt hij voor ons, elkeen wat de zonden doen, doen ook de wetteloosheid, want de zonde is wetteloosheid.
Dus nou, hier zitten we nu met twee concepten, met eindelijk een heel mooi samenwerking, om voor ons te verduidelijken.
Ik ben een zonder, en de wet is nodig.
Maar de wet geeft niet voor mijn verlossing.
De wet is basis de karakter van God.
En jullie moeten onthouden, we zijn geschapen in die karakter.
Dus ja, het is natuurlijk dat ons hemelse vader graag wil hebben dat ons zoals hij moet zijn.
En ja, we strijken elke dag.
We bekleinen tegen de Satan.
Maar je kan niet in je eigen macht bekleinen.
De Heerde is daar om je te helpen.
[00:26:50] Speaker D: Het is eindelijk erger. We begrijpen niet alleen de satanie, we begrijpen ook onze eigen menselijke natuur.
Zoals Paulus zei, het goede wat ik wil doen, dat doe ik niet. Het slechte wat ik niet wil doen, dat doe ik.
Als christenen is ons liefde God, nietwaar, niet?
[00:27:15] Speaker C: Ja.
[00:27:16] Speaker D: Maar ons sukkel om dat liefde aan hem te bewijzen. Want de manier om ons dat liefde te bewijzen is om zijn gebouwen te houden. Om God lief te hebben met je hele hart en om jouw medemens lief te hebben zoals jezelf.
Dat is moeilijk.
Dat is moeilijk.
Maar omdat ons lief is voor God, omdat God lief is voor ons, is dat de moeite waard.
Ik zeker, elke een van ons hier, wel, we zijn altijd getrouwde paarkies. Zoals je weet, het is niet altijd makkelijk om jouw partner gelukkig te houden. Om dingen te doen die je weet dat ze eindelijk verkiezen.
Het is niet altijd makkelijk.
We doen ons goed, zonder dat we het weten, dan trappen we ons op elkaar. Maar het is de moeite waard om daar aan te werken.
[00:28:30] Speaker B: Als ik het ook beter kan stellen, of anders kan stellen, Ik weet dat je je kont hebt nu, maar ik stel het nu niet een beetje anders.
Liefde is een keuze.
Je moet elke dag kiezen om liefde van iemand te tonen. Maak niet zorgen wat je niet wil doen.
Want eerlijk gezegd, Mijn man maakt me pittig, ik ben zo gefrustreerd, ik is los en druk, ik is drood af.
Maar ik kies nog steeds aan het einde van de dag om te zeggen, je weet wat, ik heet je nog steeds lief.
En hetzelfde gaat met God.
De reels gaan mij wel kwaad maken, dat gaat mij frustreren, maar ik kan nog steeds aan het einde van de dag zeggen, je weet wat, Hij dacht het beste van mij, zodat Axel nog steeds leefbaar is.
[00:29:30] Speaker D: Waarom?
[00:29:32] Speaker A: Oké, ik wil vandaag terugkomen naar de wetse gedachten.
Als je kijkt naar het doel van de wet, dan krijgt Paulus Markov ons heel duidelijk over hoe die wet behoort gezien te worden. En we hebben nu al gezien dat het zegt, als je zonden doet, dan ben je ook tegen de wet, want de zonde is om wettelozen uiteindelijk te aantaffen.
Maar Paulus schrijft dan ook, en hij zegt daarom, zo is er één mens die zonde in de wereld ingekomen heeft, en deelde die zonde die dood, en zo die dood tot alle mensen deelgedrong heeft, omdat het allemaal gezondheid is.
Want voor die wet was er al zonde in de wereld, maar zonde wordt niet toegeleken als er geen wet is. Dus, we weten nu duidelijk hoe we die wet nodig hebben. Dat is om te verstaan wat zonde is. Dat is wat Paulusi dan wil doorbrengen. Maar dan verduidelijkt hij het één verder en hij zegt, net zoals we moeten verstaan hoe we die wet nodig hebben, Moeten we ook verstaan, hoekom die genadegave zo belangrijk is.
Want, als jij niet, als jij niet in die ene gaat vastkijken.
Ik denk, als ik niet de Jodheid moest weten, weet je wat?
Mijn handelingen veroorzaakten dat ik die hemel ga mislopen. Dan ga ik die hemel mislopen. Want er is niks anders wat voor mij hoopt geen.
Want die genadegave, vertelt van mij, oké, die wet is daar.
Zoals Paulus gezegd, hij kijkt vast in die dingen, er is geen manier om daar uit te komen. Maar dan komt hij met die prachtige woorden, wat hij schrijft dan in Romeinus 7, net nadat hij gepraat heeft over hoe hij voelt wat die wet doet. wat er neergedrukt is, dan zei in vers 24, ik elendige mens, wie zal mij verlozen van de lichaam van jullie dood?
Vers 25, ik dank God, die Jezus Christus, om te jeren.
Zo, als dit het geval is, dat ons reden komt als gevolg van wat Jezus komt doen, hoe komen de wet en de evangelie bij elkaar, woensdagse gedeelte?
[00:31:49] Speaker B: Oké, woensdagse gedeelte is de Weet en de Evangelie.
En ik denk die beste beschrijving die gegeven kan worden is in Matthäus 5 vers 17 en 18.
Waar Jezus zegt dat hij niet is gekomen om de weten of de profeten te vernietigen, maar meer om dat te kunnen vervullen.
[00:32:21] Speaker D: En dat kan heel vreemd klinken.
[00:32:24] Speaker B: Ja, dat kan.
[00:32:25] Speaker D: Want daar is die gedachte van, o ja, het is vervuld, dus het is voorbij.
[00:32:31] Speaker B: Ja.
[00:32:32] Speaker D: Maar het is toch ook niet wat hij bedoelt.
[00:32:36] Speaker B: Nee, ik denk meer, ik bedoel in de zin van, als je naar het oud-testament kijkt, eerder gezegd, dan gaat er een oplossing komen voor zo'n...
En alles daar op naar de oplossing.
En Iso daar geeft het op. Het is niet wat hij paraseert om als zin niet.
En hij doet precies wat de woord gezegd gaat.
[00:33:11] Speaker D: Ja, zo hij die profezieën vervult rondom hem. Maar ook niet net dat, nee.
Als ons kijkt naar de hele plan van verlossing, daar was nog nooit een mens op die aarde die niet gezondig heeft, nee.
Ja, ons allemaal zondig.
Behalve, Iesus.
Zo, Als ik maar de Engels kan gebruiken, he satisfied the requirements of the law. Ja. Want de wet vereist een perfecte mens, watom niet, over drieën niet.
En de enigste die het kon recht krijgen, was hij zichzelf.
[00:33:58] Speaker B: Hij geeft ook een indicatie dat daar is een mogelijkheid, met zijn hoop, om daar naartoe te komen, om veel minder zonde te hebben. Ik zal niet zeggen geen zonde, want ik denk niet dat dat mogelijk is. Maar ik denk, ons als mens, met de hoop van de Heilige Geest en Jezus, Harderwijk kan ons met veel minder zonde leven.
[00:34:36] Speaker D: Hij heeft een voorbeeld komstel over hoe ons dat kan recht krijgen.
En de enige manier hoe ons dat kan recht krijgen is door een heel nauwe wandel met God.
Dat is de enige manier. Dat is al wat Jezus kon doen als mens om zichzelf te versterken tegen de aanslag van Satan en een zondige natuur, als ik het zo kan stellen.
Maar dan komt het andere gedeelte daarvan. Oké, maar ons is nu zondig.
Jezus heeft voor ons komen bewijzen. Het is mogelijk om niet te zijn.
Met mijn hulp.
Maar dan kom je aan een gedeelte.
Wat moeten we doen met die zonde die we al hebben?
Dat moet weggewaasd worden.
[00:35:31] Speaker B: We moeten ook niet onthouden dat, ja, we zijn genaaigd naar zonde toe. En we zijn genaaigd om ook te zeggen, ach, het is onze natuur.
Maar is het niet amper om dit te doen?
[00:35:46] Speaker D: We maken verschillingsvonden zelf.
[00:35:48] Speaker B: Ja.
In plaats daarvan om te zeggen, waarom heb ik dat gesondigd?
Ik heb dat opgenomen. Ik heb nodig om recht te maken.
[00:35:59] Speaker D: En God is ons zo genodig, dat hij ons vergeven.
Dus wanneer we beginnen, je weet, dat is mijn natuur, ik kan niet, dat helpt niet.
Wel, dan is ons minder geneigd om vergiftes te vragen, want we voelen dat het niet zo slecht kan zijn.
[00:36:21] Speaker B: Of we zeggen, ik doe het in acht gevallen, ik vraag nu om vergiftes, maar ik ga jou waarschijnlijk in acht gevallen veel later doen. Dus wat is het punt?
[00:36:31] Speaker D: Ja, en later verzwakt het ons verhouding met God. Wel, enige zonden doen, maar vooral...
Habitueel zijn.
Iets wat ons voelt zo erg.
[00:36:50] Speaker A: We zien min of meer de ideeën van hoe de wet en de evangelie bij elkaar uitkomen.
En iets wat we moeten beseffen, net omdat Jezus gekomen is naar deze aarde, betekent dat niet, de wet is meer weggedoen.
Daar is zekere van die ceremoniële wetten wat niet meer nodig is om onderhoud te worden, maar dat is dingen wat nog steeds gedaan moet worden. En zelfs in de vroegerkerk zien we dezelfde boodschap converteren. Als we zondag om vijftien lezen, dan zien we weer eens die wat als huidige bestempel was, wat toen tot inkeer gekomen is, is aan hen gezegd dat ze moeten weerhouden van dingen wat een afgoedebestoedel is, en van huurderij, en van wat verworgen is, en van bloed. Hoekom? Het heeft deelgemaakt van de wet.
Het was nodig geweest dat ze daaraan gehoordzaam moesten zijn. Maar nog thans, als je deel gaat lezen door de hoogstek 15, zie je keer op keer Hoe dat terugverwijst is dat ze moeten onthouden wat Jezus voor hen komt doen. Dus ja, we hebben de wet, maar we moeten ook beseffen hoe alle twee bij elkaar werken, of met elkaar samen werken.
Dus hoe kunnen we het vandaag praktisch dan uitleven? Hoe kunnen we het praktisch toepassen in ons eigen leven?
Dus kom eens kijken naar het honderdagse gedeelte, wat er handelt om te weten en dat te doen.
[00:38:36] Speaker D: Ja, dit gedeelte gaat heel veel over de verhoudingsaspect.
Als we kijken naar Matthäus 7, vers 21, Zegt het voor ons, niet elkeen wat voor mij zegt, jaren jaren, zal ingaan in de koninkrijk van de hemel en hemel, maar hij wordt de wil doen van mijn vader, wat in de hemel is.
En ik denk, dat kan nogal scary, een scary gedachte zijn.
Want enige christen die een beetje introspectie doen, zal vooral zeggen dat het niet altijd zij is. Ben ik niet altijd bezig om te zeggen dat ik een christen ben, jouw naam aan te roepen, maar niet eindelijk te doen wat je van mij verwacht.
En die lesprogramma is heel belangrijk. Kennis is bitterlijk belangrijk, want de Bijbel zelf zegt dat Godse mensen ten gronde wezen gebrek van kennis.
Maar kennis is niet alles.
Ons kan veel weten over God.
de duivel weet nog meer.
Ons kan de bijbel voortoe en achtertoe gememoriseren en elke lieve dingetje bestuderen.
En dat maakt ons niet eens beter dan de duivel, nee.
Wat maakt die verschil?
Dat ons toelaat dat wij kennis ons harten verander.
Dat ons naar God kijkt en zegt, ik weet niet wat recht en verkeerd is.
Ik besef, ik heb je nodig.
Ik heb nodig om een verhouding met je te bouwen.
En daardoor zal ik je wil beginnen doen.
Want het is wanneer ons in aanraking komt met Jezus, wanneer ons tijdzaam met ons bandeert, wat ons hart in onze wijze verandert.
[00:41:11] Speaker A: Ik denk aan twee gedachten.
De 1 komt uit Matthäus 7 en Jezus verwijst naar 2 dingen die je moet doen met woorden. Matthäus 7 vers 23, nee vers 24.
Elke dan wat jullie woorden van mij luisteren en doen.
Dus Jezus zegt dat de 2 dingen die je moet doen zijn luisteren en doen.
Dan gaan we naar de boek van de openbaring toe, en als je kijkt in openbaring 1 in vers 3, zegt het zalige zij wat de woorden van deze professie leest, die wat het woord en bewaar wat daarin geschreven is.
Want de tijd is nabij.
Dus, deze week besef ons dat ja, ons heet een zondige natuur.
Als we niet voorzichtig zijn in wat we doen, is het makkelijk om afleidingen te geven die ons in een groter gevaar zetten om toe te geven aan verzoekings. Dus de vraag is, Wat ga jij doen om te vechten om niet in verzoekings te vallen? En ik houd er vaak van om te gaan kijken naar een liedje die al geschreven is, of iemand die een gedachte gedeeld heeft.
En ik heb onlangs geluisterd naar een prachtige verwerking die gedaan werd door de Piano Guys, waarin ze een lied namen, een circulaire lied, en dat ingebrengd met de woorden van Amazing Grace.
Nou, hier is de woorden van die secundaire lied, en denk daarover, terwijl je denkt aan wat jij bezig bent om te doen.
Zoals een klein boi op de oceaan, wat grootgolven aan de gang zet, Zoals hoe een enkel woord een hart kan opmaken, heb ik dalk niet één filetje, maar ik kan een ontploffing veroorzaken.
En al die dingen die ik niet gezegd heb, waar zo'n slopersballer binnen mijn gedacht is, ik ga dat vanaf het hart uitroepen. Kan jij mijn stem deze keer horen?
Deze is mijn vechtlied.
Deze is de lied om mijn leven terug te nemen.
Deze is de lied om te bewijzen dat ik oké ben.
Dan wonder ik niet, ja, dit is hoe die patiënten in die cyclade wereld vloegen.
Hoe voel ik als christen vandaag?
Wat is mijn vechtlied? Wat is dit waarnaartoe ik terugkom, wanneer ik besef dat is afleidings wat mij nader getrek heeft, of wat mij daarnaartoe geleid heeft om zonde te doen.
En daarmee los ons dit verhielden werk om daarover te denken.
En ik wil je aanmoedigen om te houden dat dit maar net de tijd is wanneer we samen kunnen gezeld en een paar gedachten delen.
Maar doe jezelf een gunst.
Ga elke week de les afladen. Als je niet de boekjes hebt gezet, ga naar sabbatschoolles.weebly.nl samenschoolles.weebly.com.
De kwartaalse lesstudie is hard beschikbaar.
Laad daar je pdf document af en doe elke dag z'n lesstudie.
En zoals ik al zei, deze maand gaat het over om dat persoonlijk te maken en dan daarmee samen te werken. Net voordat we ons gaan afsluiten, John, ik ga voor jou vragen en jij voor ons alsjeblieft afsluiten met het gebed.
[00:45:09] Speaker C: Zekerlijk, luisteraars, sluit alsblieft je ogen en rug en je gedachten naar de troon van God.
Deelbare vader, ons dank je voor de leesstudie die we nu kunnen doorwerken.
Nog een week, wat onze instructie van u ontvangt.
Vader, alsblieft, werk in ons hart.
Daar waar ons gekoesterde zonden aan vasthouden, alsblieft jaren.
werken ons, zodat ons uiteindelijk kan uitgaan en nader aan die kant treden.
Buiten bewaar ons en zien ons met de Sabbatales in Christus' naam.
Amen.
[00:45:54] Speaker A: Dank je dat je samen geluisterd hebt.
Onthoud om elke Sabbatogind om tien uur je plaatselijke zevende dag Adventistenkerk te bezoeken en samen de lesstudie te bespreken.
Contact gerust Adventisten Wereld Radio Afrikaans bij 060-248-1172. Ik herhaal 060-248-1172 indien je hulp nodig hebt om je naaste kaart te vinden of de adres te krijgen om dit te bezoeken.